COEN-Visitatiebezoek aan Roemenië

Donderdag 18 oktober
We gingen deze donderdag op reis naar Roemenië. Onze projecten langs. We waren met z’n vijven. Marja van Asperen, Adri en Liesbeth van Sligtenhorst en Jaap en Paula Bakker. We vertrokken met een groepsticket per trein naar Eindhoven. We checkten ons rond twee uur in en het vliegtuig zou om kwart over vier vertrekken. Met ons E-ticket meldden we ons aan de balie van Wizzair en daar hoorden we dat het vliegtuig overboekt was en dat er voor twee van de vijf van ons plaats was. We hielden een koffie/overleg rondje. We konden wel met de volgende vlucht mee, vertelde ze vrolijk, de dinsdag daarop. Maar er stond in Cluj een auto op ons te wachten en voor alle drie de dagen hadden we afspraken gemaakt. We hebben daarna bijna iedereen aangesproken, die een uniform droeg om te vertellen dat het echt niet kon. En onze tickets waren al weken betaald, vertelden we. Ons geduld werd wel op de proef gesteld. Iedereen zat al in het vliegtuig en wij moesten nog wachten. We stonden daar maar in een hoekje. Maar toen op het laatste nippertje, mochten we toch nog mee. We konden het bijna niet geloven en we kwamen als laatsten het vliegtuig in. Het vliegtuig zat ongeveer vol met mensen, die een of andere hulp gaven aan Roemenië. Je vliegt er maar twee-en-een-half uur over en om half zeven waren we veilig geland. We haalden de auto op en zochten ons logeeradres op. We sliepen in Vila Diakonia. Het was eerst eigendom van de kerk in Cluj, maar het had nu een andere eigenaar. Het was opgeknapt en er wonen veel studenten door de week omdat ze in Cluj studeren. We hebben nog wat gegeten, onze avondsluiting gehouden en opgelucht gaan slapen. De volgende morgen zou Agnes van Stichting Diaconia ons op komen halen.

Vrijdag
Vrijdagmorgen na het ontbijt stond Agnes om ons naar het kantoor van Diaconia te brengen. Marja en ik reden met haar mee in de auto om te horen over de voortgang van het thuiszorgproject. Agnes vertelde ons dat haar werk voor het grootste deel bestaat in projecten en projecten en projecten schrijven. De staat verlangt veel van je en alles moet heel precies en dubbel worden aangevraagd, maar het resultaat is heel weinig. Via een organisatie in Zwitserland ontvangen ze “contributie”, zoals ze het noemde en Dorcas helpt hen ook me geldelijke steun om het bejaardenhuis/elderly home draaiende te houden. Als je in Roemenië naar een bejaardenhuis wil met een pensioen/aow van 200 euro per maand en de staat geeft geen subsidie in de vorm van huur- of zorgtoeslag. Dus verkoop je je huisje en dat geld geef je aan je bejaardenhuis als vorm van betaling. Dan komen we aan bij het kantoor van Diaconia waar we ontvangen worden door drie medewerksters van het thuiszorgproject in Huedin. Daar worden dagelijks 48 patiënten bezocht door Eva, Erica en Elisabeth. Erica en Elisabeth zijn ziekenverzorgsters en Eva is verpleegkundige. Patiënten met een hulpvraag worden op het kantoor ontvangen en ze maken een contract op samen waarvoor getekend moet worden. De patiënten variëren in leeftijd tussen de 74 en 81 jaar. De meesten liggen altijd op bed. Van de 48 zijn er 10 Roma en dat is helemaal een vergeten groep. Je kunt er tenslotte geldelijk niet beter van worden. Soms is het zo erg dat een Roma naar een ziekenhuis moet. Iemand van Diaconia gaat dan mee in de hoop dat ze geholpen worden. Maar meestal zijn de artsen alleen bereid te helpen als er stiekem wat geld in zijn hand gedrukt wordt. Daarom worden ze bezocht door de Diaconia medewerkers. Maar als patiënten alleen hun pensioentje hebben en daar van ook nog hun medicijnen moeten betalen, blijft er weinig over om van te leven. De verzorgsters doen de patiënten in bad, geven injecties, delen medicijnen, verzorgen wonden, nemen bloeddruk op. Ze hebben opvouwbare looprekken en toiletstoelen gevraagd aan ons. Is er iemand die nog een looprek of een postoel heeft staan die niet meer gebruikt wordt?

Na het inventariseren van de hulpvraag gaan we op weg naar het 2e project bij Ds. Köteles. Het is een uurtje rijden naar Paleu. Vanaf 2015 helpen we als COEN deze gemeente met het renoveren van zijn huis met daarin ook het kerk kantoor en ruimten voor de leden van deze gemeente die nu is gegroeid tot 200/250 kerk- bezoekers. Hij had een prachtige PowerPoint voor ons gemaakt om te laten zien wat er allemaal gedaan was met het geld van COEN in Paleu.

Hij vertelde dat hij in de zomer een bijbelkinderweek had gehouden met hulp van people uit Genemuiden. Het werk liep goed, maar hij en Andrea (zijn vrouw) hadden drie jaar lang geen dag vakantie gehad. Op dat kamp kwamen 125 kinderen. Ook had het echtpaar een 2e kindje geadopteerd wat de nodige nachtrust verstoringen opleverde. Het was een bezoek in een goede warme sfeer met verse koffie en zelf gebakken taart natuurlijk. Ook hij had nog een vraag aan onze stichting die we naar de vergadering in Nijkerk hebben meegenomen.

Zaterdag
Op zaterdag rijden we van Cluj naar Arcus, waar Ds. Peter Makkai met Enikö wonen en werken. Om 9 uur vertrokken we na ons ontbijt. De afstand die we die dag moesten afleggen was 341 kilometer. Je zou denken dat is ongeveer 3 uur rijden als je 100 kilometer per uur rijdt. Maar in Roemenië zijn de meeste wegen slechter dan bij ons. En je rijdt constant over een provinciale weg, waar je steeds maar 50 kilometer in de bebouwde mag rijden. De dorpen zijn lange slingerdorpjes met één doorgaande weg. Je rijdt dus heel vaak in de bebouwde kom. Maar de natuur is er prachtig en de herfstkleuren wonderschoon. En natuurlijk verhalen van Adri, die al -tig keren in het land geweest is. Met Evert Gardebroek, met Wout v .d. Water met heel veel medische artikelen in de bus om in het land te bezorgen. Adri vertelde dat ze vooral veel kou geleden hadden op hun tochten. Maar hij zag ook verbeteringen komen in de loop van de jaren. Adri vertelde dat ze in Arcus waren, Wil Guliker was er ook bij. Wil ging het dorpje in en kwam een huis binnen waar het varken in de huiskamer bij de kachel lag. Ik denk dat dat nu niet meer gebeurt. De huizen zien er wat beter uit, best goed in de verf en de erven zijn wat meer opgeruimd. Ook zijn er meer wegen geasfalteerd wat in de koude winters heel fijn is. Eerst leken de wegen daar in de winters op modderpoelen. Om vier uur reden we het erf op bij Peter. Hij vertelde dat Enikö om 6 uur met ons aan de maaltijd wilde gaan. Wij gingen in de tussen tijd een heerlijke wandeling maken na een dag auto zitten en genieten van de herfstkleuren. Adri wist zeker dat er ergens rond Arcus een mooi meer lag. En we liepen al gauw het dorp uit, langs de boerderijtjes en we kwamen ook een geitenhoeder tegen die geen honden, maar twee ezels bij de kudde had lopen. Adri zou Adri niet zijn als hij het meer niet gevonden had. We hadden net geen tijd meer om er omheen te lopen, want het liep tegen zes uur en we hadden best wel trek. De ontvangst was heel hartelijk en het eten heerlijk. Een vos was verschenen bij de eenden kooi in Valea Crisuluï bij het logeerhuis project en één eend was niet dood gebeten. Die hebben wij daar opgegeten met aubergine in beslag, rijst en een heerlijk toetje. En Peter, die kan vertellen als geen ander. Het was een fijne avond daar. Na het eten bracht hij ons naar het dorpje Valea waar we in het logeerhuis sliepen met zijn vijven. Na de avondsluiting gingen we heel voldaan naar ons bed.

Zondag
De kerkdienst begon pas om 11 uur, dus we konden het een beetje rustig aan doen. Om half 9 liepen we naar de overkant van ons logeerhuis. Daar was Edith al aan het rommelen in de keuken voor ons. Na ons ontbijt keken we bij een groep kinderen die een soort zondagschool hadden. De taal is een beetje lastig; niemand van ons spreekt Roemeens of Hongaars. En dan ben je in een klein dorps kerkje waar een orgeltje staat uit Kampen. Het geluid wat er uit kwam was warm. Van sommige liederen kenden we de melodie, dus we hebben toch mee kunnen zingen. Ds. Makkai preekte vol vuur, maar we konden er niet veel van verstaan. Hij vertelde dat de preek over de rijke jongeling ging. Er werd aandachtig geluisterd. Na de preek had ik een gesprek met Vera Torma. Ik kende haar van de vorige bezoeken. Vera spreekt goed Engels. Ze werkt bij het Diaconia project van de kerken. Ze vertelde dat ze dankbaar was dat er jaren geleden mensen uit het ontwikkelde westen de moeite namen om naar Roemenië te komen met hun kennis en geduld en vertelden hoe je dingen kon organiseren. We hadden geen enkele kennis, zei ze. Ze begonnen met 12 kinderen in de naschoolse opvang. De twaalf kregen een warme maaltijd er werden bijbelverhalen verteld en er was aandacht voor de kinderen. Nu vertelde Vera konden ze het verhaal weer doorgeven en zijn er inmiddels 500 kinderen in de opvang met aandacht en een maaltijd. Na de preek dronken we koffie in de pastorie en werden we uitgenodigd om in de kerkzaal samen een dankmaaltijd gebruiken. Samen met de kerkenraad. We werden er hartelijk ontvangen aan een keurig gedekte tafel. Als groente stond er rauwe rode ui, augurken en verse paprika. We eten gezonder hier dan in Nederland, vertelde Peter ons. Geen enkele toevoeging, ook niet in het brood. En een heerlijk biologisch stukje vlees. Het was een uitdaging om te eten met een groep mensen die je niet kan verstaan. Het samen eten lukte goed, maar de communicatie was vooral met gebaren en je handen. Het werd een maaltijd met veel hilariteit door het taalverschil. Maar vooral veel dankbaarheid voor de trouwe steun van onze stichting. Elk gebouw van de kerk, o.a. een gemeenschapshuis, waar het dorp naar de dokter, tandarts en therapie kunnen gaan heeft stichting COEN aan bijgedragen. Gelukkig spreekt Peter Makkai behoorlijk goed Nederlands, dus dat was onze tolk. Een van de ouderlingen was nieuwsgierig hoe het bosbeheer in Nederland was georganiseerd. Hun oude leider Nicolae Ceausescu was een echte dictator, die deed met het land wat hij wilde. Na zijn val kregen de gewesten (soort provincies) hun bossen weer terug. De ouderling is voorzitter van het gewest, waarin Arkus een plaats is. Er lopen veel bruine beren in de bossen rond Arkus. Ook in het Iriszkamp, waar we sliepen was een beer op bezoek geweest. De beer beet vier schapen dood en een vos beet bijna alle eenden dood. In het gewest werden 30 beren geteld. Dus een lekkere boswandeling rond onze slaapplaats zat er niet in. Maar dankbaar terug gekomen in ons slaapgebouw hebben we nog lang bij elkaar gezeten en onze gevoelens en ervaringen gedeeld met elkaar. Na de avondsluiting die we om de beurt deden gingen we lekker slapen.

Maandag
Een intensieve dag vandaag want we gaan met Peter op stap. Een boeiende en energieke man (wie kan hem en zijn ideeën bijsloffen). Maar zoals altijd zijn ze wel doordacht. En als er een project af is, overdenkt hij zijn volgende stap en altijd staan de mensen met een beperking bij hem voorop. Stichting COEN volgt hem al een kleine 25 jaar. Het Iriszhuis in Sf. Gheorghe, daar komen de mensen met een beperking in de dagopvang. Toen wij er binnen kwamen stonden ze allemaal gereed om in een boomgaard appels te gaan plukken voor inkomsten. En ‘s middags kwamen ze terug met ook een zakje appels voor hen zelf. Peter maakt met hen ook W.C. papier. We vroegen hem of dat project nog goed liep. Ja. Uitstekend vertelde hij, we maken nu ook toilet papier in het roze. Dat zijn vaste inkomsten voor zijn Iriszhuis. Inmiddels was er ook een klein restaurant gemaakt waar iedereen koffie kan drinken met iets lekkers. Peter wil met dit initiatief de mensen zonder beperking kennis laten maken met mensen met een beperking. Ze dichter bij elkaar brengen en laten zien dat mensen met een beperking soms blijer en gelukkiger zijn als mensen die denken dat ze geen beperking hebben. We gaan nu naar de Iriszshop. Dat is de winkel waar ze onze in Nijkerk ingebrachte kleding sorteren en strijken en prijzen, voordat ze in de shop komen. De winkel heeft iedere dag een omzet van 150/160 euro per dag. Maar in de ruimte achter de winkel was weinig te doen omdat ze door alle kleding heen waren. En pas op 12 januari gaat de volgende vrachtwagen met kleding daar heen. Dus mensen bewaar al je goede kleding, die je niet meer draagt of nodig hebt a.u.b. voor COEN, m.a.w. dus aan deze mensen. Van de opbrengst van de kledingwinkel wordt o. a het salaris van de medewerkers betaald.

De zonnepanelen liggen op het huis waar wij sliepen, mooi om te zien dat de door COEN gesponsorde zonnepanelen hun werk doen. Al langer speelt Peter met de gedachte, dat er mensen zijn met een beperking die langzaam naar een woonvorm van begeleid zelfstandig wonen toe groeien. Daar heeft hij een idee voor. Toen hij van de zomer in Nederland was heeft hij rond gekeken, hoe hier de begeleidwonen huizen zijn opgezet. Het is mooi om te zien, hoe Peters hart uit gaat naar mensen met een beperking, die onze steun nodig hebben. We hebben een plan mee gekregen van hem voor zijn te bouwen beschermd wonencomplex. Het totale project is begroot op € 440.000. Inmiddels is er al € 80.000 euro bij elkaar gespaard, dus de fundering kan al gelegd als de laatste vergunningen binnen zijn. Peter heeft onze hulp hierbij ook gevraagd, ook dit verzoek nemen we mee naar de volgende vergadering. Na het bezoek aan het Iriszhuis gingen we het terrein naast het Iriszhuis op. Daar werd volop gebouwd. Peter vertelde dat er boven bidden en denken een wonder was gebeurd. De Hongaarse staat heeft drie miljoen euro geschonken aan de kerk. De drie miljoen moet besteed worden aan een modern bejaardentehuis. Peter is gevraagd de bouw te coördineren. Hij moet de bouwvergaderingen bij wonen en meedenken over de inrichting en de financiering. Er komt ook een moderne gesloten afdeling. Hij was er toch zo dankbaar voor.

Daarna nog even naar het zigeunerdorp gereden om Olga op te zoeken. Olga is getrouwd met Lotzie, die nachtwaker was bij het logeer huis. Ik had een vorige reis mooie foto’s van hen samen gemaakt en wilde die haar brengen. Helaas was Lotzie een maand geleden overleden. Ik was dankbaar dat ik haar een foto kon brengen. We hebben nog brood en soep gegeten in het Iriszhuis en daarna naar de 2e kledingswinkel gereden in Covasna, een dorp verderop. Daarna naar een oude weverij geweest uit de communistische tijd. Daar word je wel een beetje somber van. Al die machines nog in de fabriek, maar er werkten nog maar een paar mensen die plaids maakten van de schapenwol. Troosteloos om het te zien. Oude fabrieken die niet meer in functie zijn. Er werkte een jongen die we nog uit de Iriszshop kenden. Er waren nog 5 personen (oude werknemers, uit de tijd dat de fabriek volop werkte voor de communistische staat) die er wat rond liepen en misschien terug dachten aan de oude tijd toen alles nog geregeld werd door de staat. We zijn als afsluiting midden in het oude centrum van Sf. Gheorhe met Peter en Enikö uit eten geweest. COEN en Peter en Enikö kennen elkaar al heel lang en het is heel inspirerend om met hen te sparren. Mensen waar je een verleden mee hebt, maar wel uit een andere cultuur komen. Samen sparren op basis van wederzijds vertrouwen zo heerlijk om samen wijzer te worden. En dat gewoon in het Nederlands, want ze spreken het heel goed. Schrijven wat minder, je moet er nog al eens om glimlachen. Zo kregen we na thuiskomst een vraag van Peter om het begeleid wonen project te ondersteunen. Peter mailt en ik citeer; “ Voor ons was ein grote eerdt jullie bij ons te hebben, onze diensten te laten zien en zamen onze Heer te preijsen.”

Dinsdag
Deze dag gebruiken we opnieuw om de rit te maken, maar nu in de andere richting, van Sf. Gheorghe naar Cluj. We rijden door het prachtige herfstlandschap met prachtige tinten aan de bomen van geel tot okergeel. En we genieten ervan, terwijl we alle indrukken en gesprekken nog eens langs laten komen. We slapen weer in Vila Diakonia, een goed onderkomen. Cluj is een grote stad waar ongeveer 100.000 studenten studeren. Je kunt er redelijk goedkoop studeren. De taal op de universiteit is Hongaars en Engels (geen Roemeens dus). Het betekent ook dat de studenten er moeten wonen. In Vila Diakonia is er ook een vleugel voor studenten. Er zijn veel werkers die van maandag tot vrijdag in de stad wonen. Iedere dag zijn er veel files in de stad. Je doet er anderhalf uur over om de stad uit te komen. En op vrijdag als de arbeiders weer richting huis gaan is staan de straten van Cluj overvol.

Woensdag
Vandaag gaan we met Agnes mee naar Mera is de bedoeling, maar Agnes heeft helaas een begrafenis en we rijden er zelf heen, op de navigatie en het gevoel van Jaap en Adri. Om 10 uur komen we er aan en worden we ontvangen door Simon Petrus. We krijgen een rondleiding door het verzorgingshuis. Het huis heeft een wachtlijst, een kamer, leeg gekomen door een overlijden, wordt klaargemaakt om een nieuwe bewoner te ontvangen. Het huis draait op sponsors. De staat geeft niet of nauwelijks subsidie. Er is een grote uittocht van goed opgeleide jonge Roemenen, die het land verlaten om goed geld te verdienen in het buitenland. We maken kennis met Sandri, een voorbeeld van een goed opgeleide Roemeen. Hij heeft in Keulen gestudeerd en heeft de studie tot Psycholoog goed afgerond. Hij vertelde de meeste Roemenen in het westen werken met hun hoofd en niet met hun hart. Sandri is teruggegaan naar zijn land en hij doet geweldig werk in Mera. Zowel in het verzorgingshuis als in het Roma project. We maken kennis met twee dames die volop in het project staan. Wil je als Roma in aanmerking komen voor de naschoolse opvang, dan komt er een intake gesprek en wordt er een contract opgemaakt. Je mag alleen op de opvang komen als je naar school gaat. En dat is een heel proces om de Roma’s ervan te overtuigen dat school belangrijk is. Ze voeren heel veel gesprekken en heel, heel langzaam komt het besef bij de ouders. Dat school belangrijk is voor kinderen om te leren lezen, schrijven en rekenen. De ouders zijn bijna allemaal analfabeet. De kinderen die er op dit moment komen, 29 in getal. De kinderen komen om 12 uur en na een warme maaltijd worden ze geholpen met het huiswerk en al spelenderwijs wordt veel geleerd. Bij de kinderen thuis is geen toilet, dus word je geleerd hoe dat werkt en je handen te wassen na een toilet bezoek. Met je tanden moet je je hele leven doen, dus ze leren dat er tandenborstels en tandpasta bestaan en hoe belangrijk het is om het te gebruiken. Ze leren er heel veel en krijgen er vooral veel liefde en aandacht. Als je vader een dagje het bos in wil om champignons te plukken, moet je gewoon mee. Ook al wil je liever naar school. Er is goed contact tussen de maatschappelijk werkers en de Roma families. Voor dit werk krijgen ze geen enkele subsidie. Elke dag worden er 150 maaltijden gekookt voor de bewoners, de kinderen en arme mensen in de omgeving, in de keuken van het Mera huis. Een heel waardevol bezoek voor de werkers daar en voor ons. We hebben weer veel te denken en te overdenken meegekregen. Ook dit werk wordt ondersteund door sponsors. In Roemenië en erbuiten. We eten samen met de werkers en dan zijn we zo maar even vrij. We hadden het laatste middagje vrij gepland om met zijn vijven de oude binnenstad van Cluj te bekijken. Het was inmiddels vier uur in de middag, maar we gingen toch nog even. Het was behoorlijk koud, deze dag en soms vluchtten we een winkel in om een beetje warm te worden. Na warm eten samen hielden we onze avondsluiting en zochten ons bed weer op.

Donderdag
Ons vliegtuig naar Nederland vertrok om 14.45 van Cluj naar Eindhoven. Om 12 uur zouden we op het vliegveld onze huurauto inleveren. Vanmorgen was er dus tijd om rustig te ontbijten aan onze gereserveerde tafel. Er stond een krijtbordje op met ‘COEN’. Na het ontbijt reden we richting vliegveld. Het weer was nog guur met behoorlijk veel wind. We hadden afgesproken met de autoverhuurder op de parkeerplaats bij het vliegveld. Die was best groot, dus zo nu en dan zat je in de auto om op te warmen en dan keek je weer buiten de auto om je heen en warmde een ander zich even. Opeens kwam Jaap heel blij aan, terwijl ik in de auto zat en met een blij gezicht vertelde hij dat hij familie ontmoet had op het vliegveld. En wat schetst mijn verbazing toen ik hoorde roepen: “Ha Oma”. Wat een verrassing; we wisten dat twee kleinkinderen van ons, Jocelyn en haar broer Luuk, ook in Roemenië waren met een groep jongeren uit de Joriskerk in Amersfoort. Ze waren een week in Panet geweest en vertelden dat ze de dag ervoor voedselpakketten hadden rondgebracht in de gemeente daar. ‘Wat hebben wij het toch goed’, zeiden ze alletwee. En daar waren wij het hartgrondig mee eens. Blijf alstublieft COEN en de projecten gedenken in uw giften en gebeden de Heere zal jullie ervoor zegenen!

Namens COEN: Paula Bakker

Meer informatie en eerdere reisverslagen vindt u op de website van Stichting COEN.

Artboard facebook google+ instagram linkedin maps pinterest twitter vimeo youtube world